Follow Me

Close
By

In de Iraanse keuken vind je tientallen soorten kebab, stoofschotels, kip in zoete sauzen en nog meer kebab. Iran is geen gemakkelijk land voor vegetariërs. Veganisten hebben het al helemaal moeilijk. Zelfs de witte rijst wordt op smaak gebracht met een flinke schep geitenboter. Als vegetariër ga ik de uitdaging aan om tijdens onze reis door Iran zonder vis en vlees toch lekker te eten. En dat blijkt een stuk moeilijker dan ik dacht.

Vleesloze bestaan

Het fenomeen vegetariër is nog niet doorgedrongen tot Iran. Op een groot eetplein in het centrum van Teheran staan tientallen kraampjes met kebabs en burgers. De enige tent die de woorden ‘healthy’ en ‘vegetable’ boven de stand heeft staan is failliet. Zelfs na een uitgebreid vragenuurtje over het hoe en waarom van mijn vleesloze bestaan, serveert de familie waar wij verblijven steevast kip en lam. En dus eet ik witte rijst met yoghurt. Tijdens de twee dagen met een nomadenfamilie wordt er zelfs speciaal voor mij een kip geslacht. Hoe dat afloopt lees je hier.

Gerookte aubergine

Op mijn derde dag in Iran ontdek ik een gerecht wat ik daarna nog vaak zal eten: gerookte aubergine. Oftewel ‘mirza ghasemi’ in het Farsi. De gerookte aubergine wordt samen met tomaten en flink veel knoflook gepureerd. Op het laatst, als de puree nog heet is, wordt er een eitje door de mix geroerd. Heerlijk! Deze redder van vegetariërs in nood vind je op de meeste menukaarten als voorgerecht. Met wat brood en rijst erbij is het meer dan voldoende voor een avondmaaltijd.
Lekker of niet, ik zag het niet zitten om drie weken lang geroosterde aubergine te eten. Dus ging ik op zoek naar de verborgen pareltjes die wel een vleesloze maaltijden serveren. Ik zet ze voor je op een rij.
 
Vegetarian in Iran

Esfahan

Na dagen van witte rijst en gerookte aubergine voel ik me de koning te rijk als ik de menukaart in Grandma’s Table opensla. Tien gerechten waarvan maar liefst vijf vegetarisch. Ik kan geen keuze maken. Na lang wikken en wegen kies ik voor de Sabzijat: een goed gekruide groentestoof. Als extraatje nemen we ook de huisgemaakte dolma’s met rozijnen. Yummie! En we krijgen een toetje van het huis in ruil voor een foto op Instragam. Deal! Kan Grandma misschien met ons meereizen?

Vegetarian in Iran

Grandma’s Table vind je op de Hakim Street

Shiraz

De Roodaki Street is zonder twijfel één van de hipste straten in Iran. We vinden er koffiebars met barista’s met gekrulde snorren, prachtig ingerichte barretjes en het beste restaurant van Shiraz: Quvam Café Restaurant. Al snel blijkt dat we niet de enige toeristen zijn, op zoek naar een menukaart zonder het woord ‘kebab’. Er geen is local te bekennen hier. Ach, we zijn de hele dag al onder de lokale mensen. En voor een lekkere vegetarische maaltijd wil ik wel even tussen de toeristen zitten. Ik neem de Kookoo Sabzi, een soort omelet gevuld met spinazie en walnoten.

Zit je toch liever tussen de locals, dan is restaurant Soofi 1 de beste plek om te gaan eten. Het traditionele restaurant gaat al tientallen jaren mee en is een begrip onder de lokale bevolking. Hier komen de Iraanse gezinnen die iets te vieren hebben. Met elke avond live muziek wordt er dan ook heerlijk geklapt en gezongen tijdens het eten. Voor de vegetariërs staat er niks op het menu. Maar er is wel een uitgebreide salad bar, waar je voor een paar euro onbeperkt van mag opscheppen.

Een tikkeltje buiten ons budget – maar voor deze ene keer mag het – nemen we plaats op één van de chique bedbanken in restaurant Haft Khan. Het gigantische complex telt vier restaurants op vier verdiepingen. Wij kiezen voor a la carte, want daar hebben ze een speciale menukaart voor vegetariërs. De vegetable sizzler met soja is een feestje. Goed om te weten; één portie is groot genoeg voor twee personen.

Vegetarian in Iran

Quvam Café Restaurant vind je op de Roodaki Street
Soofi 1 vind je op de Sattar Khan St.
Haft Khan vind je in de 17th Alley, Quran Jadid Blvd

Yazd

In Yazd is het een stuk makkelijker om als vegetariër lekker te kunnen eten. De stad is erg toeristisch en dat betekent ook dat er meer restaurants zijn die het menu aanpassen naar de smaak van de toeristen. De eerste avond zoeken wij een plekje op het sfeervolle dakterras van het Orient Hotel. We merken al snel dat dit hotel favoriet is bij Nederlandse reisorganisaties, aangezien elke zitplaats bezet is door groepen Nederlanders. Wij zitten in een achteraf hoekje, waar we heerlijk uitkijken over de daken van het oude centrum. Hier bestel ik de vegetarische versie van het traditionele gerecht fesenjan. De heerlijke stoofschotel is gemaakt met aubergine en courgette in plaats van kip.

De straat recht achter het Amar Chaqmag Complex wordt ook wel de ‘Arabische straat’ genoemd. Daar zitten alle falafelshops. De beste falafel volgens de locals vind je bij Karbala Falafel, links aan het begin van de straat. Karbala Falafel wordt gerund door Irakezen die als geen ander weten hoe je een lekkere falafel bereidt. Voor nog geen euro mag ik mijn broodje zelf beleggen met zes verse stukken falafel en al het lekkers wat er verder nog in past. Daar lust ik er morgen nog wel één van.

Café Honar wordt voor toeristen aangegeven als het Yazd Art House Café. Dit knusse restaurant is zowaar helemaal vegetarisch. Halleluja! Er is weliswaar niet zo heel veel keus, maar wat ze serveren is super lekker. De linzensoep is door ons uitgeroepen tot het lekkerste gerecht in heel Iran. We zijn niet voor niets nog een tweede keer terugkomen naar dit restaurant.

Orient Hotel vind je op de Masjed-e-Jaameeh Mosque Street, 6th Alley
Karbala Falafel vind je op de Salman-e Farsi
Café Honar vind je aan de Sahra

Kashan

In Kashan eten we in ons eigen hotel; Eshan Historical Guesthouse. We kunnen kiezen uit twee vegetarische gerechten en dat is mooi, want we blijven hier twee nachten slapen.

Nog een aanrader is een klein tentje, verborgen in de drukke bazaar van de stad. Het is even zoeken naar “the man with the lentil soup” Zijn restaurant heeft geen naam en maar één tafel met een houten bankje. Hij serveert alleen een stevige linzensoep, maar die is wel lekker!

Vegetarian in Iran


Eshan Historical Guesthouse vind je tegenover de bekende Agh Bozorg Moskee
De linzensoepman vind je in de bazaar, dichtbij de school en moskee van de Imam. Durf te vragen..

Teheran

In Teheran eten wij vooral bij mensen thuis, dus heb ik helaas niet zoveel goede tips. Aan de andere kant, de stad is groot en hip genoeg om zonder problemen een leuk vegetarisch restaurant te vinden. Één middag schuiven wij aan op het terras van Artist Forum Vegetarian Restaurant in het Honarmandan Park. Het blijkt een stille oase in de drukte van de stad. De menukaart is zo uitgebreid dat ik amper kan kiezen. Van vegetarische burgers en pizza’s, tot traditionele soepen en bladerdeeghapjes en versgeperste sappen.

Artist Forum Vegetarian Restaurant vind je in het Honarmandan Park

By

Majid loopt met de spartelende vogels weg van de andere kippen. Zouden ze weten welk lot hen te wachten staat? Met Patrick in mijn kielzog sjok ik er achteraan. Het gaat nu echt gebeuren. “Ik vind het eng,” fluister ik naar Patrick, alsof Majid me anders zou kunnen verstaan. Hij ruilt één van de kippen voor het mes dat zijn moeder vasthoudt. De andere vogel drukt hij stevig tegen grond. Hij zet zijn linkervoet op de vleugels en pakt de kip in haar nek beet. Het beestje kan geen kant meer op.

Vegetarisch

Ik eet al jaren geen vlees meer. Niet omdat ik het niet lekker vind, maar vooral omdat ik me druk maak om het milieu en liever niet bijdraag aan de bioindustrie. Ik heb altijd geroepen dat ik geen ‘nee’ zal zeggen, als ik tijdens één van mijn verre reizen in een situatie terecht kom waarbij er speciaal voor mij een kip geslacht wordt. Hoe groot is de kans dat dat gebeurt? Makkelijk praten dus. Tot vandaag. Ik verblijf twee dagen bij een nomadenfamilie in Iran, ver weg van supermarkten en restaurants, waar ‘vegetarisch’ niet in het woordenboek staat en verse kip wel op het menu.
 
Iran nomad life

Kippen en geiten

Het nomadenleven is simpel. Majid en zijn ouders wonen op een stuk grond in de bergen onder een doek van geitenharen. Op het erf scharrelen tientallen kippen, verderop grazen meer dan honderd geiten en achter de heuvel staan een stuk of twintig bijenkasten. Moeder Manighe vult haar dagen met het maken van allerlei soorten voedsel: geitenkaas, geitenmelk, geitenboter, geitenyoghurt, honing en eieren. Van het overblijfsel uit de yoghurt maakt ze snoepjes en van het vocht uit de kaas kookt ze jam. Niets blijft ongebruikt. De bloem voor het brood en de zakken rijst kopen ze groots in.
 
Iran nomad life

Take, take

Het gebeurt niet vaak dat er toeristen bij Majid en zijn familie verblijven. Een bijzondere gelegenheid die gevierd moet worden. De hele dag al krijgen Patrick en ik thee, snoepgoed, rijst en brood voorgeschoteld. “Take, take!” Is één van de weinige kreten die moeder Manighe in het Engels kent. Ik maak mijn wangen bol en wrijf een rondje over mijn buik om aan te geven dat ik meer dan genoeg heb gehad. “Take, take!” Is haar reactie.

Verrassing

We hebben de lunch nog maar net achter de kiezen, of Majid verklapt vast dat we vanavond iets bijzonders eten. Even hoop ik dat hij ons laat kiezen wat we willen. Hebben ze hier ook groenten? Vraag ik me af. In de verte hoor ik opgewekt gekakel als Majid de verrassing verklapt: kip!
De schok valt mee. Ik bereid me er al dagen op voor dat ik in Iran af en toe vlees zal moeten eten. Zolang het vlees niet uit de bioindustrie komt en een relatief kleine impact heeft op het milieu, zou ik er eigenlijk niet zoveel moeite mee moeten hebben. Maar dan zegt Majid trots: ik ga de kip zelf slachten. Wat?
 
Iran nomad life

Plofkippen

De zon verdwijnt achter de bergen en het landschap kleurt blauw. Het is tijd om het avondeten voor te bereiden, voor het te donker is om nog iets te zien. Majid en zijn moeder lopen richting de kippen. Patrick en ik volgen. Nu huppen ze nog vrolijk rond in hun overvloed aan ruimte. Het zijn bepaald geen plofkippen hier. “Welk dier slachten jullie thuis?” Vraagt Majid onwetend. Thuis zouden mensen me erom haten als ik een dier zou slachten, maar liggen de schappen wel vol vlees, wil ik eigenlijk zeggen. In plaats daarvan geef ik toe dat ik nog nooit een dier gedood heb.

Moeder Manighe strooit intussen wat voer om de kippen te lokken. Enthousiast komen de vogels naar Manighe gerend en beginnen driftig te pikken. Ze hurkt en grijpt vliegensvlug de twee dikste kippen bij hun staart. Majid knikt goedkeurend en neemt de pechvogels van haar over.

Kip zonder kop

Majid zet het mes tegen de hals van de kip. Ik wil mijn hand voor mijn ogen doen, me omdraaien om het fatale moment te missen. Maar ik wil niet laf zijn. Ik vind dat iedereen die vlees eet zou moeten zien hoe het is wanneer een dier geslacht wordt. Dan kan ik maar beter beginnen bij mezelf. Daar gaat -ie. De kip geeft geen kik als het mes door haar hals glijdt. Ik zie amper bloed. Majid legt het kopje naast zich neer en laat het lijf los. De vleugels beginnen hevig te klapperen en de kip zonder kop rent rollend door het gras. Wat een vreselijk gezicht. Na een minuut of twee stopt het rennen en blijft het lichaam verstijfd op de grond liggen.

Kussens

De taken zijn traditioneel verdeeld; de man slacht de kip, de vrouw maakt het dier klaar voor het eten. Manighe neemt de kippen mee in haar kooktent. Met veel respect en kalme bewegingen trekt ze de veren uit het levenloze lichaam. Manighe bewaart de kleine veertjes apart van de grote. Daar maakt ze kussens van, gebaart ze met gevouwen handen tegen haar oor. Onder de eerste kale plekken herken ik de kippenvleugels, zoals die bij ons in de supermarkt liggen. Van een dood wezen verandert de kip langzaam in een stuk vlees.
 
Iran nomad life

Iran nomad life

Barbecue

Majid verzekert ons dat niemand de kip beter bereidt dat zijn vader Alimohamed. De oude man rijgt de pootjes en vleugels zorgvuldig aan een spies. Het hart, de nieren en de maagwand gaan ook op een stokje. Als laatste snijdt hij de kip aan één kant open voor die in zijn geheel op de barbecue gaat. Op het vuur smeert hij het vlees in met gesmolten geitenboter en zout. “Very tasty!” Legt hij uit.
 
Iran nomad life

Eet smakelijk

In kleermakerszit verzamelen we om een plastic kleed in het midden van de tent. Manighe verdeelt de rijst over onze borden en legt wat brood op het kleed. “Good?” Alimohamed houdt het bruingebakken vlees op vanachter de barbecue. De kip is klaar. Patrick en ik krijgen een hele, geroosterde kip voor onszelf. “Take! Take!” Voorzichtig zet ik mijn tanden in het vlees. Ik denk nog even terug aan vanmiddag, toen mijn maaltijd nog vrolijk naar zoete appels pikte en opgewonden achter haar soortgenoten aan rende. Eet smakelijk.
 
Iran nomad life

Iran nomad life

Video: een dag in het leven van de nomaden

Ben je benieuwd hoe het is om twee dagen bij een nomadenfamilie te wonen? Ik maakte deze video van ons onvergetelijke verblijf.
 

By

Een paar weken geleden bakte ik al een bug’s brownie met echte meelwormen. Ik geloof namelijk dat insecten eten de toekomst is. Eigenlijk klinkt dat heel gek, aangezien ze in het grootste deel van de wereld al eeuwen insecten eten. Maar wij moeten er nog even aan wennen. Ik help je een beetje op weg door te koken met beestjes. Vandaag een paella met sprinkhanen van Kreca Ento-Food. Want echt, dat is zo gek nog niet!

Garnalen vs sprinkhanen

Sprinkhanen zijn een waar culinair feestje in grote delen van Afrika. Dat vinden wij misschien een beetje vreemd, maar heb je er wel eens bij stilgestaan dat sprinkhanen en Hollandse garnalen best veel op elkaar lijken? Het zijn allebei kleine beestjes met sprieten, pootjes, grote ogen en een knapperige huid. Je kunt ze allebei eten en ze zitten ook nog eens boordevol proteïne. De grijze zee-insecten eten wij maar al te graag, maar sprinkhanen… Daar moeten we nog aan wennen. Als we de vooroordelen over het eten van sprinkhanen achter ons laten zouden die springerige beestjes wel eens de nieuwe garnalen kunnen worden. En dat wordt hoog tijd!

Volgens de viswijzer zijn de Hollandse, ofwel grijze garnalen niet bepaald een duurzame keuze. Het beheer van de garnalenvangst in Nederland is niet op orde en er is aanzienlijk veel bijvangst. Maar ook de garnalenvangst in het buitenland zorgt voor veel milieuschade en schending van mensenrechten. Voor de garnalenkweek in Zuid-Amerika worden mangrovebossen gekapt en verdwijnen plant- en dierensoorten. Grond- en viswater worden afgesloten voor lokale bewoners en na uitputting vervuild met chemicaliën en antibiotica achtergelaten. En dat is nog maar een kleine greep uit de lange lijst aan ellende die veroorzaakt wordt in de garnalenindustrie. (Meer weten? Hier vind je het rapport van Milieudefensie en Novib over de garnalenvangst.) Voor mij genoeg reden om die heerlijke zeedieren links te laten liggen.
 
Sprinkhaan eten

Duurzame sprinkhanen

In gesprek met vleeseters hoor ik vaak als argument dat geen vlees eten niet kan omdat we nou eenmaal proteïne nodig hebben. En laat sprinkhanen nou net boordevol proteïnen zitten. De duurzame kweek is een ander groot voordeel van de langpotige beestjes. Voor een kilo rundvlees zijn meer dan tien kilo voedsel en 15.000 liter water. Voor een kilo sprinkhanen is amper twee kilo voer nodig en helemaal geen water nodig. Dat er minder landoppervlakte nodig is hoef ik niet uit leggen. Sprinkhanen zijn dus een gezond en duurzaam alternatief. Nu maar hopen dat ze ook lekker zijn.
 
Sprinkhanen eten

Paella met sprinkhanen

De grootste uitdaging van insecten eten is het bereiden ervan. Wij zijn er niet mee opgegroeid, dus ik heb nooit geleerd hoe je een sprinkhaan lekker serveert. Omdat de beestjes zoveel op garnalen lijken besluit ik ze te verwerken in een Spaanse paella. En net als met garnalen bak ik ze in hete olie met knoflook.

Het recept voor de paella komt rechtstreeks uit mijn kookboek ‘Lekker koken met restjes‘ en is genoeg voor vier personen.

Dit heb je nodig:
3 el olijfolie
1 ui of prei, gesneden
4 knoflookteentjes, geperst
1 tl gerookte paprikapoeder
300 gr rijst
peper & zout
4 tomaten in stukjes
900 ml groentebouillon
1 paprika, gesneden
handje diepvries doperwten
+/- 100 gr sperziebonen of andere stevige groenten
handje peterselie
+/- 16 sprinkhanen

Optioneel:
Op de markt vond ik veganistische chorizo van het merk Vegin. Yes, dacht ik! In een echte paella zit tenslotte ook Spaanse worst. Ik heb de helft van de worst gebruikt voor dit recept.
 
Sprinkhaan eten

Zo maak je het:
Verhit 2 el olie in een grote wok en fruit de ui of prei. Voeg na een paar minuten 2/3 van de knoflook en alle gerookte paprikapoeder toe en bak ongeveer 3 minuten op medium vuur.
Voeg de ongekookte rijst en een beetje peper en zout toe en roer alles goed door elkaar.
Tot slot doe je de tomaten en bouillon erbij. Roer alles nog eens goed door en laat het geheel op zacht vuur in ongeveer 15 minuten gaar pruttelen.

Verwijder intussen de vleugels en pootjes van de sprinkhanen. Dat gaat heel gemakkelijk door ze los te trekken. Verhit de olie in een aparte koekenpan en bak de sprinkhanen en eventueel de chorizo op hoog vuur knapperig. Voeg na een paar minuten de overgebleven knoflook toe.

Terug naar de rijst. Voeg de laatste paar minuten voor de rijst gaar is de parika, boontjes en doperwten toe. Zo worden ze wel gaar, maar houden ze hun stevige bite.

Strooi de sprinkhanen, eventueel chorizo en peterselie over de paella. Lekker met citroenpartjes.
 
Sprinkhaan paella

Een kwestie van wennen

Ik kan me de eerste keer dat ik Hollandse garnalen proefde nog goed herinneren. Ik was een jaar of 8. Het was oudejaarsdag en we waren op bezoek bij mijn grootouders. Mijn oma maakte altijd een prachtige schaal met bieten-haringsalade en Hollandse garnalen. Ik moest er eentje proeven, maar ik durfde niet. Ik keek naar het beestje en zag de pootjes, de ogen en dacht zelfs dat ik het diertje zag bewegen. Ik krijg weer rillingen op mijn rug als ik eraan denk. Met mijn ogen dicht deed ik het kleine garnaaltje in mijn mond. Mijn moeder en grootouders keken mij verwachtingsvol aan. Ik durfde niet te kauwen, maar uitspugen kon ook niet. Ik verstopte het diertje in mijn wang en deed net alsof ik kauwde en slikte. Tien minuten lang zat ik doodstil aan tafel. Ik zou zweren dat ik de garnaal voelde bewegen in mijn mond. Ik had lang genoeg gewacht om niet meer op te vallen en rende naar de wc. Het heeft nog jaren geduurd voordat ik het nog eens probeerde. Maar toen ben ik ze gaan waarderen en heb jarenlang genoten van onze Hollandse garnalen. Nu maar hopen dat het met krekels ook gewoon een kwestie van wennen is.

De paella was heerlijk. De sprinkhanen waren knapperig en goed van smaak. Ze nemen de smaak van olie en knoflook helemaal op. Het enige waar ik moeite mee had was de gedachte dat ik sprinkhanen at. Maar dat is dus een kwestie van wennen.
 
Sprinkhaan paella

Durf jij het aan? Winnen!

Wil jij ook wel eens de paella met sprinkhanen in plaats van garnalen proberen? Dat kan! Laat mijn weten waarom jij wilt koken met sprinkhanen en wie weet krijg jij binnenkort wel een zakje van Kreca Ento-Food (Proti-Farm) opgestuurd. Deel jouw motivatie onder dit bericht of onder de post op Facebook. De winnaar wordt volgende week bekendgemaakt.

By

De dag dat krokante krekels naast de paprikachips in de Albert Heijn liggen lijkt misschien ver weg. Maar niet als het aan de mensen achter Kreca Ento-Food ligt. Zij produceren al meer dan dertig jaar insecten en sinds 2007 ook voor mensen om op te eten. En dat is maar goed ook, want in het tempo waarop we nu vis en vlees eten hebben we in 2050 niks meer over om al die hongerige monden te voeden. Ik wil dat wel eens proberen en krijg vier soorten insecten thuisgestuurd: huiskrekels, buffalowormen, sprinkhanen en poeder van buffalowormen. Ik begin mijn avontuur voorzichtig met een ‘bug’s brownie’. Durf jij het aan? Lees dan snel verder, want je kunt nu zelf ook een pakketje winnen.
 
insecten brownie - All Day Every Daisy

Over insecten eten

Insecten eten is zo gek nog niet. Ruim twee miljard mensen wereldwijd eten al sprinkhanen, rupsen, mieren, spinnen en wormen. Dat hebben ze goed bekeken, want de kronkelende beestjes zitten boordevol voedingsstoffen: vitamine B12, eiwitten, ijzer en onverzadigde vetten. Een kilo insecten kweken is ook nog eens een stuk efficiënter en veel duurzamer dan een kilo rundvlees. Ze hebben amper voeding nodig, ze planten zich razendsnel voort en gebruiken minder water en ruimte. Bovendien worden er bij de productie veel minder broeikasgassen uitgestoten.

Je eet al insecten

Draait jouw maag al om bij de gedachte dat je een gefrituurde krekel eet? Dat is nergens voor nodig. Sterker nog, je eet waarschijnlijk al je hele leven insecten, zonder dat je het weet. Er worden namelijk heel wat van die beestjes bedoeld of onbedoeld verwerkt in ons dagelijks eten. Roze koeken, rode M&M’s en aardbeienyoghurt worden gekleurd met een stofje gemaakt van luizen. Bonbons en suikergoed worden glanzend gemaakt met een coating van boomluizen. Het is bovendien onmogelijk om te garanderen dat er tijdens de productie geen insecten in ons eten terechtkomen. De Amerikaanse Keuringsdienst van Waren troffen zo’n 30 soorten insectenrestanten in 100 gram pindakaas. Of wat dacht je van 60 insectenrestanten per 100 gram chocola. Proef je niks van, toch?
 
insecten brownie - All Day Every Daisy

Bug’s brownie

Nu is het aan mij om echt te gaan koken met de insecten die ik van Kreca Ento-Food heb gekregen. Ik wil mijn vriend Patrick niet meteen afschrikken met een broodje krekel, dus ik begin veilig met een brownie van buffalowormen. Oftewel een bug’s brownie.

Dit heb je nodig:

140 gram ongezouten boter
4 eieren
340 gram lichte basterdsuiker
75 gram cacaopoeder
140 gram bloem
handje walnoten en/of stukjes chocola
handje buffalowormen
snufje zout
 
insecten brownie - All Day Every Daisy

Zo maak je het:
Verwarm de oven voor op 175ºC Smelt de boter in een pannetje op laag vuur en laat het afkoelen terwijl je verder gaat met de bereiding.
Roer de eieren en het suiker met een pollepel goed door elkaar zonder het te kloppen. De mix mag niet te luchtig worden, anders krijg je een cake in plaats van een brownie. Roer vervolgens de afgekoelde boter door het mengsel.
Zeef de bloem, cacao en het snufje zout boven de kom en roer het voorzichtig door het mengsel.
Als alles goed gemengd is schep je er als laatste de noten en of stukjes chocola en de buffalowormen doorheen.
Giet het browniemengels in een bakvorm en strijk het oppervlakte glad. Bak de bug’s brownie in ongeveer 20 minuten gaar.

Om zeker te weten dat de brownie gaar is prik je met een satéprikker in het midden van de cake. Als die er schoon uitkomt is de brownie gaar. Zo niet, dan moet hij nog wat langer in de oven.
 
insecten brownie - All Day Every Daisy
 
Mijn oven functioneert niet zo goed: soms wordt hij heter dan de knop aangeeft. Daardoor is mijn brownie niet zo smeuïg als hij hoort te zijn. Let dus goed op dat je de brownie niet te lang of te heet bakt!

Durf jij het aan? Winnen!

Durf jij het aan om je vrienden een bug’s brownie te serveren? Dat is mooi, want je maakt nu kans op een zakje buffalowormen van Kreca Ento-Food BV (Proti-Farm). Deel dit blog met jouw vrienden op Facebook of Twitter en wie weet bak jij binnenkort ook zo’n heerlijke bug’s brownie. Op woensdag 26 april maak ik de winnaar bekend!

By

Wist je dat de gemiddelde Nederland € 150,- aan goed voedsel per jaar weggooit? Gek eigenlijk als je bedenkt dat we massaal verzekeringen met elkaar vergelijken, in de hoop dat we een paar tientjes kunnen besparen. Terwijl we eigenlijk veel makkelijker, veel méér kunnen besparen door gewoon minder eten te verspillen. Dat is niet alleen goed voor je portemonnee, maar ook nog eens beter voor het milieu. Vandaag deel ik 10 tips om geld te besparen door minder te verspillen.

De maand van het budget

De maand april staat bij het televisieprogramma Kassa in het teken van besparen. In de Maand van het Budget ga ik met een cameraploeg langs bij een gezin dat wel wat zuiniger wil leven. We gaan samen koken met restjes en ik deel tips om verspilling tegen te gaan. Heb je de uitzending gemist? Hier kun je het programma terugkijken. Wil doorspoelen naar mijn tips? Vanaf 37 minuten begint het item over besparen op je boodschappen.

1. Boodschappenlijstje

Maak voor je boodschappen gaat doen een lijstje met alles wat je nodig hebt. Kijk de kastjes en koelkast na om te voorkomen dat je dingen koopt die je nog in huis hebt. De grootste uitdaging van een boodschappenlijstje is om je er vervolgens ook echt aan te houden. Maak daar een uitdaging van, zodat het des te leuker is als het gelukt is.
 

2. Een volle maag

Zorg ervoor dat je een volle maag hebt als je boodschappen gaat doen. Onderzoek heeft aangetoond dat je meer koopt als je trek hebt. Het risico dat je spullen in huis haalt die je eigenlijk niet nodig hebt is daarom veel groter wanneer je honger hebt.

3. Aanbiedingen

Laat je niet teveel verleiden door aanbiedingen. De tweede zak spinazie voor de helft van de prijs krijgt is niet goedkoper wanneer je de helft moet weggooien. Bedenk je dat aanbiedingen bedoeld zijn om jou meer te laten kopen. Wees de supermarkt daarom te slim af en laat je niet gek maken door al die zogenaamde koopjes. Voor langer houdbare producten, zoals rijst of pasta, kan een aanbieding wel voordelig zijn. Bedenk daarom van te voren of je het product echt nodig hebt en op gaat maken.

4. Contant geld

Spreek met jezelf een boodschappenbudget af en pin dat contant. Laat vervolgens je pinpas thuis als je boodschappen doet. Zo word je gedwongen je aan je budget te houden. Je hebt tenslotte niet meer geld bij je.
 

5. Foto van je koelkast

Doe je vaak nog even snel boodschappen na het werk of studie op weg naar huis. Dan gebeurt het vast wel eens dat je thuiskomt met boodschappen die je al in huis had. Maak daarom ’s ochtend een foto van de inhoud van je koelkast. Als je dan ’s avonds in de supermarkt staat kun je precies zien wat je nog in de koelkast hebt liggen.

6. Zelf snijden

Voorgesneden groenten en fruit zijn heel makkelijk. Maar ze zijn ook een stuk duurder. In zo’n zakje pastagroenten zit meestal maar een halve paprika, een klein stukje prei en nog geen hele ui. Daar betaal je al snel een paar euro voor. Je betaalt namelijk ook voor het snijden. Als je al die groenten los koopt kost dat meer, maar per saldo ben je goedkoper uit. Je krijgt namelijk veel meer groenten voor je geld. Ja, dan moet je dus nog wel zelf even je groenten snijden. Bovendien zijn ongesneden groenten veel langer houdbaar.

7. Zelf maken

Zelf maken is vaak veel goedkoper dan kant-en-klaar producten. Neem bijvoorbeeld de pannenkoekenshaker. Voor € 1,50 kun je 5 pannenkoeken maken. Je moet dan nog wel zelf 400 ml (a € 0,65) melk toevoegen. Voor € 0,35 koop je een pak bloem van 1 kilo. Daar gebruik je maar een kwart van. Dan voeg je ook 400 ml melk en 2 eitjes toe. (Eieren kosten gemiddeld € 0,20 per stuk.) Daarvan kun je minstens 10 pannenkoeken bakken. Even ter vergelijking: als je de pannenkoekenmix zelf maakt kun je 10 pannenkoeken bakken voor € 1,15. Als je een shaker koopt bak je 5 pannenkoeken voor € 2,15. Dat is nogal een verschil!

8. Lelijke groenten en fruit

Ik koop mijn groenten en fruit graag op de markt of bij de Turkse supermarkt. Nederlandse supermarkten nemen vaak alleen maar genoegen met perfect gevormde en glad gepolijste producten. Die zijn een stuk duurder. Bij de Turkse winkel liggen kromme komkommers en ‘te kleine’ aubergines. Die smaken net zo lekker, maar zijn een stuk goedkoper. Bovendien is het zonde om die niet te eten. Anders worden ze namelijk weggegooid!
 

9. Niet te vaak

Doe niet te vaak boodschappen. Het is slim om vooruit te plannen en maar één keer per week boodschappen te doen. Hoe minder vaak je in de supermarkt bent, hoe minder vaak je geconfronteerd wordt met aanbiedingen en andere verleidingen. Het scheelt ook nog eens een hoop tijd.

10. Restjes zijn ingrediënten

Probeer restjes te zien als nieuwe ingrediënten. Oude boterhammen zijn een quichebodem, paneermeel of wentelteefjes op zondagochtend. Overgebleven pasta is vermicelli in de soep. Een restje risotto is een burger voor de lunch. Een teveel gekookte aardappel is een vulling voor een omelet of een verdikkingsmiddel in een pastasaus. Zo kan ik nog wel even doorgaan! Door zo te denken word je een stuk creatiever in de keuken. Leuk, toch! Bovendien hoef je nooit meer iets weg te gooien en bespaar je een hoop geld!

Lekker koken met restjes

Wat doe je op 6 december met al dat overgebleven strooigoed? Hoe maak je van aardappelschillen knapperige chips? En hoe kun je de supermarkt helpen minder te verspillen? In mijn nieuwste kookboek tegen voedselverspilling bewijs ik dat je van al je restjes nieuwe gerechten kunt maken. Met ‘Lekker koken met restjes‘ heb je nooit meer een reden om eten weg te gooien. Goed voor het milieu en goed voor je portemonnee. Bestellen? Dat kan hier:
 

Heb jij nog slimme tips om te besparen op je boodschappen? Deel ze in de comments.

By

Wist jij dat er één centrale plek is waar alle boeken die in Nederland te koop zijn liggen opgeslagen? Ik ook niet! In Culemborg staat het CB. Vroeger heette dat het Centraal Boekhuis. Het CB is het grootste boekendistributiecentrum van Nederland. Elke keer als jij óf de boekhandel een boek bestelt, kun je ervan uitgaan dat die in één van de gele of blauwe kratjes van het CB heeft gelegen.

Ik heb gehoord dat er meer dan 40 miljoen boeken liggen. Dat moet een soort leesparadijs zijn! Dat wil ik wel eens zien. Dus krijg ik een kijkje achter de schermen van het CB en zie ik welke reis mijn boek maakt voor die in jouw keuken belandt. Kijk je mee?
 

 
Ben je benieuwd geworden naar mijn boek? Hier zie je de boektrailer en kun je mijn boek bestellen. Extra leuk nu je weet hoe dat in z’n werk gaat.

By

Het lange wachten is voorbij.. Ik kan eindelijk mijn nieuwe kookboek vasthouden, doorbladeren, ruiken, lezen en steeds opnieuw bewonderen. Lekker Koken met Restjes is deze week van de drukker gekomen. En ik zeg het niet vaak, maar ik ben echt SUPERTROTS! Het is helemaal geworden wat ik had gehoopt: vrolijk, kleurrijk, overzichtelijk, handig en mooi. Lekker Koken met Restjes is een prachtige aanvulling op mijn eerste kookboek ‘Koken met Restjes is Leuk!’. En je kunt ‘m nu al bestellen. (Just saying.)
 

De eerste glimp

Ik lig ziek op bed als ik een berichtje krijg dat mijn boek van de drukker is gekomen. Snotterend bekijk ik de foto van een bruine doos met opgevouwen flappen. Daar ligt -ie. Geen digitale plaatjes van de cover, maar een bedrukt boek met een afbeelding die ik al zo vaak op mijn computerscherm heb bekeken. Ik kan het nog niet helemaal bevatten. Eerst voelen, dan geloven, denk ik en ik draai me om en val weer in slaap.

Mijn vriend Patrick is in de buurt en biedt aan om mijn boek bij de uitgeverij op te halen. Laat op de avond, als ik al in een diepe slaap ben, komt hij thuis met het enige bewijs dat Lekker Koken met Restjes echt is. Hij knipt het licht aan en maakt me wakker. Geïrriteerd vraag ik hem waar dat voor nodig is. “Ik ben ziek, weet je nog?” Hij lacht alleen maar naar me, waardoor ik me alleen maar meer ga ergeren aan hem. Maar dan haalt Patrick mijn boek tevoorschijn. Ik vergeet dat ik ziek ben en vergeef mijn lief onmiddellijk. Wauw! Wat is -ie mooi!

#Restjesrevolutie

Mijn tweede kookboek tegen voedselverspilling is een feit. Nu is het tijd voor de volgende stap: zorgen dat zoveel mogelijk mensen Lekker Koken met Restjes in hun keuken hebben staan. Let’s start a restjesrevolutie!
 

 
Vanaf 7 februari is Lekker Koken met Restjes officieel te koop en leverbaar. Jullie moeten dus nog even geduld hebben. Maar je kunt mijn boek hier wel alvast bestellen.

Op 12 februari organiseer ik een lanceerfeest voor vrienden, familie, foodbloggers en journalisten. Maar ik kan jouw hulp ook goed gebruiken. Dus share the message! Word ambassadeur en help mij om zoveel mogelijk mensen te bereiken. Dan kan iedereen zien hoe makkelijk en vooral leuk het is om niets meer te verspillen. Deel dit bericht op Facebook en Twitter met #restjesrevolutie, vertel over Lekker Koken met Restjes, organiseer een No Waste Feest (handleiding staat in dit boek), deel je eten met vrienden, maak foto’s van die lekkere restjes en deel ze met #restjesrevolutie. Samen starten we een restjesrevolutie en maken we echt een verschil!
 

By

Mijn tweede kookboek tegen voedselverspilling is bijna klaar! De cover is bekend en de aanbiedingsfolder van de uitgeverij is gedrukt. Dat zijn weer een paar grote stappen in de goede richting. Hoog tijd voor een update.

De titel

Een titel bedenken vind ik het moeilijkste onderdeel van een boek maken. Daarom vroeg ik aan jullie, mijn volgers, om mee te denken over een nieuwe titel. Ik kreeg geweldige ideeën toegestuurd. Van De Leftovenaar tot Restjes Revolutie en Kliekjeskoningin. Soms moest ik hardop lachen om een slimme woordspeling, andere keren moest ik even nadenken voordat ik de naam begreep. Maar wat me opviel was dat de meeste ideeën vooral heel praktisch en to the point waren.

Potentiële kopers hebben maar een paar seconden nodig om te beslissen of ze een boek de moeite waard vinden om op te pakken en door te bladeren. Daarom vind ik het belangrijk dat de titel meteen duidelijk maakt waar het boek over gaat. Ik kan wel met grappige woordspelingen komen, maar als de lezer niet meteen ziet wat het boek te bieden heeft ben je de helft van je publiek al kwijt. Die titels vielen daarom helaas af. Na veel wikken en wegen heb ik gekozen voor de titel ‘Lekker Koken met Restjes’. Die titel zegt meteen wat je krijgt: een boek vol ideeën en recepten om lekker te koken met restjes.

De Leftovenaar is niet helemaal afgeschreven hoor. Ik vond ‘m zo goed gevonden dat ik er een tekening van heb gemaakt. Die komt gewoon ín het boek te staan! Met dank aan de bedenkers Suzanne en Mario.
 
Lekker Koken met Restjes

De cover

Ja, dan heb je dus een titel, maar dan moet er ook nog een cover komen. Gelukkig hoef ik dat niet zelf te maken. Daar hebben we een fantastische vormgever voor. Als mijn boek straks gedrukt is en in de boekhandel ligt, moet het concurreren met tientallen andere prachtige kookboeken. Dus moet Lekker Koken met Restjes wel opvallen. Ik vind het belangrijk dat je meteen aan de cover ziet dat mijn boek vrolijk en toegankelijk is. Koken met restjes is tenslotte heel erg leuk!

We hebben heel veel kleurcombinaties geprobeerd. Geel met blauw, groen met roze. Maar elke keer voelde het toch niet helemaal goed. Op het moment dat ik me verschrikkelijk bezwaard voelde om weer om andere kleuren te vragen wist ik het opeens; oranje! Ik hou van oranje. Mijn hele keuken is oranje. Het is zo’n vrolijke en opvallende kleur. Dat is het geworden. Heel subtiel oranje, maar wel vrolijk. Wat vind je ervan?
 
Lekker Koken met Restjes

De aanbiedingsfolder

Uitgeverijen maken drie keer per jaar een aanbiedingsfolder. Daarin laten ze zien welke boeken binnenkort verschijnen. Het is een soort informatieve uitgave om potentiële kopers alvast warm te maken. Uitgeverij Nieuw Amsterdam heeft maar liefst twee pagina’s gevuld met mijn nieuwe boek. Met foto’s, een leuke introductie en natuurlijk de cover. Nu is het aan de verkoopafdeling om ervoor te zorgen dat alle boekhandels straks een paar exemplaren in de winkel hebben liggen.
 
Lekker Koken met Restjes
 
Om de verkopers van Nieuw Amsterdam lekker enthousiast te maken, gaf ik een presentatie. Liefde gaat door de maag, dus maakte ik een heerlijke strooigoedtaart van pepernoten en oud brood. Die heb ik uitgedeeld tijdens mijn praatje. Het recept vind je binnenkort in mijn boek!

En nu?

Nu zijn we bezig met de laatste loodjes. Vormgever Petra heeft al een stevige opzet gemaakt en die ziet er geweldig uit! Ik ben druk met het maken van grappige tekeningetjes die het boek nog vrolijker maken. Maar ook met het aanvullen van teksten waar nog te veel lege ruimte is en het verzamelen van foto’s. Om mijn verhalen te illusteren. Ik ben dus nog niet klaar, maar het eind is zeker in zicht!

Wanneer je het boek kunt verwachten? Begin volgend jaar moet het boek naar de drukker. In februari ligt het in de boekhandel. Ik houd je op de hoogte via mijn blog!

Meer weten over hoe een kookboek in zijn werk gaat? Eerder schreef ik deze blogs:
Een kookboek maken doe je zo
Een kookboek maken doe je zo (deel 2)

By

Op persreis door Portugal word ik begeleid door Joao. Sommigen noemen hem een wandelende encyclopedie. En dat is niet zo gek. Joao heeft altijd wel een bijzonder, historisch verhaal te vertellen. Door onze gedeelde liefde voor eten gaan onze gesprekken tijdens de rondreis door de Algarve vaak over de herkomst van voedsel. En zo leer ik een paar opmerkelijke feiten over de oorsprong van ons eten die ik graag met je deel. Deze 5 weetjes zijn zo leuk dat ik zeker weet dat je ze bij het volgende etentje met je vrienden deelt.

1. Spaanse appels uit China

Door de appeltjes van oranje uit het bekende Sinterklaasliedje dacht ik altijd dat sinaasappels oorspronkelijk uit Spanje komen. Dat is ook helemaal niet zo onwaarschijnlijk; door het zonnige klimaat in Spanje groeien de oranje vruchten daar uitstekend. Maar de allereerste sinaasappels zijn uit China naar Europa gehaald. Het zit verborgen in de naam: appels uit Sina. Zo noemden we China in de achttiende eeuw.

De Portugezen waren de eersten die de sinaasappels uit China importeerden. In veel Europese landen zijn de sinaasappels dan ook naar Portugal vernoemd: ‘portokal’ is Turks voor sinaasappel en in Roemenië hebben ze het over ‘portocal’.

2. Turkse kalkoen uit Amerika

Bijna veertig miljoen kalkoenen worden er elk jaar tijdens Thanksgiving in Amerika gegeten. Het is traditie dat de president er eentje kiest die gespaard blijft. Maar dat is niet wat de kalkoen zo bijzonder maakt. Het gaat om de naam van het dier. Want ook al komt de grote vogel oorspronkelijk uit Midden- en Zuid-Amerika, toch noemen ze ‘m daar ‘Turkey’, naar Turkije. Het ontstaan van de vele namen van deze vogel is een geografische warboel.
 
turkey
 
De Engelsen zijn ermee begonnen. Zij importeerden Afrikaanse parelhoen via Turkije en noemden die daarom ‘Turkey coq’. Maar toen de Britten vijf eeuwen geleden de ‘Nieuwe Wereld’ (Amerika) ontdekten verwarden zij de lokale vogel met de Afrikaanse parelhoen. Dus noemden zij de vogel van een heel andere soort ook Turkey.

Intussen zaten de Portugese handelaren niet stil. Zij haalden de kalkoen uit Zuid-Amerika naar Europa en noemden het dier ‘Peru’. De Engelsen introduceerden het dier voor het eerst in India. Toen de Fransen de vogel daarvandaan meenamen noemden ze het een ‘poulet d’Inde’; de Indiase kip. De Turken wisten toen allang dat het dier niet uit hun land kwam, maar waar het wel oorspronkelijk vandaan kwam wisten zij inmiddels ook niet meer. Het moest wel India zijn. Dus noemen de Turken het dier ‘hindi’. De Nederlanders waren in die tijd een stuk specifieker met de naam Calicut-hoen; een hoen uit de Indiase handelsstad Calicut. Later werd dat kalkoen. Het wordt nog veel ingewikkelder naarmate de Europese landen verder koloniseren. In Maleisië is het een ‘Dutch chicken’, in Cambodja een ‘Franse kip’.
Kortom, er was nogal wat verwarring over de komaf van de kalkoen. De enige naam die het dier nergens ter wereld heeft is een verwijzing naar het echte thuisland Amerika.

3. Hollandse wijn uit Afrika

De eerste Zuid-Afrikaanse wijnen werden gemaakt door Nederlanders. En dat deden ze niet omdat een wijntje op z’n tijd zo lekker is.

In de zeventiende eeuw zette VOC koopman en arts Jan van Riebeeck voet op het meest zuidelijke puntje van Afrika. De baai in het zuiden van het continent vond hij een geschikte plek voor de Hollandse VOC schepen om aan te leggen en hun voorraden aan te vullen voor de lange reis naar het verre oosten. Van Riebeeck dacht dat wijn een goed medicijn zou zijn tegen scheurbuik. Bovendien was de drank door de alcohol lang houdbaar aan boord. Hij liet volop wijngaarden aanleggen en de Zuid-Afrikaanse wijnproductie was een feit. De wijn in die tijd was niet te drinken. Pas toen de Hollandse gouverneur Simon van der Stel liet zien dat de wijn ook smaakvol kon zijn kwam de internationale wijnproductie op gang. De bekende wijnregio Stellenbosch is naar hem vernoemd.
 
wijn

4. Duitse burgers uit Amerika

Soms zijn er van die feitjes die ontzettend voor de hand liggend zijn. Bijvoorbeeld dat de Amerikaanse hamburger uit het Duitse Hamburg komt. Duh. De Duitse stad werd in de negentiende eeuw bekend vanwege de hoge kwaliteit van het rundvlees. De Duitsers sneden het vlees fijn, deden er wat kruiden bij en kneedden het tot kleine, smaakvolle pasteitjes. Tientallen jaren later emigreerden de eerste Duitsers naar de Verenigde Staten op zoek naar de American Dream. En zoals de Chinezen in Europa deden, openden de Duitsers overal restaurants waar ze hun gemalen steak verkochten.
 
burger
 
Jaren later industrialiseerde Amerika in sneltreinvaart. Fabrieken draaiden overuren en arbeiders kregen amper tijd om te eten. Het was een kwestie van tijd voor de eerste eetkraampjes snelle maaltijden bij de fabrieken verkochten. En het populaire Duitse vleesgerecht stond natuurlijk ook op de kaart. Alleen bleek het heel lastig om het vlees staand uit het vuistje te eten. Met twee stukken brood aan weerszijden was dat probleem ook weer opgelost.

5. Franse frietjes uit België

Na de vorige feiten kun je wel raden dat Franse frietjes niet bedacht zijn in Frankrijk. Het zijn onze zuiderburen die als eersten gesneden aardappels frituurden. Het verhaal gaat dat de Belgen in het Frans-sprekende gedeelte, langs de rivier de Maas, graag gefrituurde visjes aten. Maar als het flink had gevroren en de rivier bedekt was met een dikke laag ijs was er geen vis om te frituren. De Belgen sneden hun laatste aardappelen in dunne reepjes en bakten ze alsof het hun geliefde visjes waren.

De Amerikaanse soldaten die tijdens de Eerste Wereldoorlog de gefrituurde aardappels ontdekten noemde ze French fries, omdat de frietjes uit het Franstalige gedeelte van België komen.
 
friet

By

Zoals jullie inmiddels wel weten ben ik deze zomer druk geweest met het schrijven van mijn tweede kookboek tegen voedselverspilling. En vandaag, 15 september, is de deadline. En dat is best een bijzondere dag. Precies een jaar geleden publiceerde ik namelijk mijn blog All Day Every Daisy. Een perfecte dag dus om aan nieuwe dingen te beginnen!

Eerder schreef ik al een blog over hoe een kookboek maken in zijn werk gaat. Ik heb toen beloofd jullie op de hoogte te houden. Bij deze.

Het manuscript is ingeleverd

De deadline is bereikt; het manuscript is ingeleverd. Tien hoofdstukken, 54 recepten en een paar honderd tips om voedselverspilling te voorkomen. Na het tikken van de laatste letters heb ik het hele manuscript nog één keer doorgelezen. Ik heb er nog een paar schoonheidsfoutjes uitgepikt, maar eerlijk gezegd is het moeilijk om echt kritisch te kijken naar een tekst die je al tien keer gelezen hebt.

Ik heb de tien hoofdstukken naar uitgever Willemijn gestuurd. Nu is het haar beurt om alles kritisch te bekijken. Zij heeft al zoveel kookboeken gemaakt, dus dat vind ik best spannend. Daarna stuurt zij alles terug met de correcties.

Vormgeving en cover

Intussen is vormgever Petra hard aan het werk met de vormgeving. Zij heeft vandaag een eerste opzet voor de cover van het boek opgestuurd. Die moet al snel klaar zijn omdat mijn boek dit najaar al meegenomen wordt in de aanbiedingsfolder van de uitgeverij. Met die folder gaat de uitgeverij langs de boekhandels om te laten zien wat er volgend jaar allemaal voor mooie boeken te koop zijn. Mijn boek ligt pas in januari in de winkel, maar we moeten er natuurlijk al voor zorgen dat iedereen hem straks wil hebben.
 
startup-photos
 
Als het manuscript helemaal is goedgekeurd gaat alles door naar Petra. Zij gaat dan als een malle aan de slag met de vormgeving van het boek. Teksten, titels, foto’s en friebeltjes; alles krijgt dan langzaam een plekje in het boek. In dat proces kan het blijken dat ik ergens te veel of te weinig heb geschreven. Om het boek er mooi uit te laten zien zal Petra mij dan vragen om de teksten aan te passen zodat ze beter passen in de vormgeving.

En nu?

Als je dacht dat ik nu lekker achterover kan leunen omdat het manuscript is ingeleverd, dan heb je het mis. Er moeten nog zeker acht foto’s gemaakt worden. Over twee weken hebben we een dag ingepland om dat te gaan doen. Dus stiekem mag ik nu wel even niks doen en genieten.

Hopelijk kan ik binnenkort de cover en de titel aan jullie bekendmaken. Net als ik moeten jullie nog even geduld hebben.